Ik heb twee keer een totale zonsverduistering gezien. Eén keer in een essay van Annie Dillard, en één keer in een livestream van Fox News.
In Total Eclipse, een van haar bekendste essays, beschrijft Annie Dillard hoe ze afreist naar een heuvel in de staat Washington en vanaf daar ziet hoe de zon een paar minuten lang volledig achter de maan verdwijnt. Hoe een grote donkere schaduw in een noodvaart over het dal op haar afkomt, hoe de menigte uit automatisme begint te gillen en hoe direct daarna alles volledig verduistert. “The sun disappeared, and the world was wrong.” Het gras is verkeerd, de heuvels zijn verkeerd, het gezicht van haar partner is verkeerd. Alles heeft een grijze, matte glans. Ze beschrijft de spontane windvlagen, de duisternis, de koelte, en hoe alles daarna heel snel weer terugkeert naar hoe het was, terug de auto in, de snelweg op. Het hele plaatje, in alle zintuigen, en met zo’n overtuiging dat ik even wist hoe het voelt.
Een volledige zonsverduistering is van het type natuurfenomeen dat je bijna gegarandeerd omverblaast. Het is zoiets groots, de zon die midden op de dag verdwijnt, dat je gewoon niet anders kan dan de wereld om je heen als nieuw te zien. Ik zoek de laatste tijd vaak naar dat gevoel. Het gevoel van echte verwondering, van om je heen kijken en het allemaal ineens weer zien. Het is een gevoel dat Dillard in haar boek Pilgrim at Tinker Creek beschrijft als de ‘boom met de lichtjes erin’: het gevoel van complete overdondering. Niet alleen door iets als een zonsverduistering, maar vaak door iets heel gewoons. Een boom waar de zon doorheen schijnt, dat kun je bijna iedere dag zien, maar de boom met de lichtjes erin… Ze had het een kind horen zeggen, ze had er zelf heel lang naar gezocht en pas jaren later zag ze het ineens. Ze zag het, ze voelde het, en daarna verdween het weer. “I was still ringing. I had my whole life been a bell, and never knew it until at that moment I was lifted and struck. I have since only rarely seen the tree with the lights in it. The vision comes and goes, mostly goes, but I live for it.” Het gevoel komt en het gaat, het gaat vooral, maar dat gevoel wil ik voelen.
De eerstvolgende totale zonsverduistering in Nederland staat gepland in 2135, het jaar dat ik 140 wordt. De laatste was in 1999. Ik was toen 4, maar ik kan me hier niets van herinneren. Waarschijnlijk heb ik het gewoon niet gezien. Of ik heb het wel gezien, maar het is me niet bijgebleven. Als je vier bent, is alles nog nieuw. Ik kon de totale zonsverduistering zien en denken, oké, dit bestaat dus ook, zoals ik dat de dag daarvoor zou kunnen zeggen over het eten van een citroen. Wel in de war en niet weten wat er komen gaat, maar direct daarna ook acceptatie. De wereld heeft er gewoon weer iets nieuws bij: de kleur geel, de smaak zuur, twee minuten duisternis, midden op de dag met een kartonnen brilletje op.
Maar als op 8 april 2024 de totale zonsverduistering in Noord-Amerika live wordt uitgezonden, zie ik mijn kans. Ik wil ontdekken dat ik mijn hele leven al een klok ben, ik wil klingelen en klonkelen en rinkelen, ik wil dat. En dus open ik op die maandagavond op mijn laptop op de bank de livestream van Fox News.
In de livestreams van NASA en Fox News is het idee eigenlijk heel simpel. De zonsverduistering gaat als een strook over het land heen, van Texas tot Maine, en dus kunnen ze iedere zeven minuten een zonsverduistering op een andere plek livestreamen. De zon verdwijnt langzaam, het wordt volledig donker, en zodra de zon terugkomt, gaat de stream door naar de volgende plek. In totaal duurt het programma zo’n drie uur. Tussendoor houden presentatoren korte interviews met mensen.

Ik zit thuis op de bank met mijn laptop op schoot, hier is het al donker buiten. De beelden van de zonsverduistering doen me niet veel, het is alsof je een plaatje van een waterval opzoekt op Google. Ik zie mensen in tv-studio’s die aftellen tot de volgende zonsverduistering. Ik zie een interview met Snoopy in een astronautenpak met een eclipsbril op. De live commentsectie op YouTube trekt sneller voorbij dan de schaduwen over het dal in Dillard’s essay. Weinig mensen hebben het over ‘de boom met de lichtjes erin’, veel mensen hebben het over edging en bitcoin. Mensen in de studio schakelen over van een zonsverduistering naar een camera op Times Square, die een scherm op een gebouw filmt waarop diezelfde zonsverduistering te zien is, de presentatoren zeggen dat ze het een prachtig beeld vinden. Het is natuurlijk precies wat ik verwachtte te vinden. Dit is het tegenovergestelde van het essay van Annie Dillard. De zonsverduistering is iets dat voorbij gaat, waar je helemaal in op moet gaan, want dat moment is zo weer voorbij. Het is iets dat je moet voelen, in al je zintuigen. Niet iets dat je via een livestream volgt vanaf de bank. Niet iets wat je aan hebt staan terwijl je op je telefoon een ander filmpje kijkt.

Maar terwijl ik de streams aan heb staan, zie ik hoe presentatoren en hun gasten continu uit hun pas worden gebracht als de maan over de zon heen trekt. Hoe het normaal zo gestroomlijnde ‘aan elkaar praten’ steeds weer wordt doorbroken door mensen die even geen woorden kunnen vinden. Ik hoor de presentatoren in Dallas aftellen. Zodra het beeld zwart wordt, verandert hun toon direct. Eén van hen vertelt hoe ze tranen in haar ogen heeft, je hoort het gesnotter tussen de woorden door. Ik zie een man van NASA die door de presentator midden in de eclipse gevraagd wordt om nog iets te vertellen over het studieprogramma voor kinderen dat ze hebben opgezet, de man probeert het, maar komt niet verder dan een paar woorden voordat hij weer stilvalt. Hij houdt zijn blik op de zonsverduistering, weggedraaid van de camera. Ik zie een grote vocale Fox-news presentator op het asfalt van een racebaan staan in Indianapolis, die vol energie begint maar al snel over zijn woorden struikelt. Ook hij beschrijft hoe de schaduw razendsnel over het asfalt trekt, en voor even vraag ik me af of hij ook dat essay heeft gelezen. Hij vertelt hoe de lucht verandert, de windrichting, hoe het ineens vijf graden kouder is. De zon verdwijnt verder en verder en het publiek joelt en schreeuwt, en de presentator stopt midden in zijn zin en slaat zijn armen open.

“Dit is zo bijzonder, ehm…” Het is helemaal donker en de man zegt steeds minder, hij lijkt te vergeten dat hij live op beeld te zien is, de camera beweegt weg, zoekend naar een goed shot. Pas als de eerste stralen van de zon weer terugkeren, lijkt hij het weer terug te kunnen pakken. “Ik had zoveel willen vertellen, maar de emotie neemt over”, zegt de man met een brok in zijn keel. En ik voel het. Ik voel het echt. Ik zit thuis op de bank een livestream van Fox te kijken en ik voel, net als bij het essay van Annie Dillard, hoe het moet zijn om de zonsverduistering mee te maken. Om daar te staan. De man kruipt langzaam weer in zijn rol. “Dit is geluk. Dit is puur geluk”, zegt hij, “Iedereen is aardig, vriendelijk. Dit is hoe Amerika moet zijn.” Onderin rolt de tekst van Fox News door het scherm: ‘Vatican says gender theory, surrogacy, gender affirming surgery are violations of human dignity’, ‘Israeli military says it has withdrawn most troops from gaza strip’. Het gevoel komt en het gaat, het gaat vooral.
Dillard begint haar essay met een schilderij uit de lobby van het hotel. Het is een schilderij van een lachende clown, gemaakt van stukken fruit en groente, ‘the old Arcimboldo idea, but junk’. Ze zegt dat het op het moment van schrijven al twee jaar geleden is dat ze de totale zonsverduistering heeft gezien, en dat ze eigenlijk al veel te veel belangrijke details ervan is vergeten. Wat ze na die jaren wél in volle detail voor zich kan halen, is dat schilderij. Van die hele dag, die wereldveranderende ervaring, herinnert ze dat lelijke schilderij nog het allerbeste. “Some tasteless fate presses it upon you; it becomes part of the complex interior junk you carry with you wherever you go.”
Ik heb twee keer de totale zonsverduistering gezien. Times Square. Snoopy. Edging. Bitcoin. Fox News.